| Inloggen NETQ FREE en NETQ GROW | |
| Inloggen NETQ FREE en NETQ GROW | |
De respondent moet direct begrijpen wat je met een vraag bedoelt.
Fout voorbeeld: "Als u tijdens uw functioneringsgesprek geconfronteerd wordt met problemen waar u bij betrokken bent of was, en als u vervolgens gevraagd wordt om op uw eigen handelen te reflecteren, zou u dan proberen om u voor te stellen wat uw gesprekspartner met deze vraag probeert te bereiken?" Deze vraag is veel te lang en te ingewikkeld.
Goed voorbeeld: "Hoe beoordeelt u de GUI van de online enquête tool? GUI betekent Graphical User Interface."
Fout voorbeeld: "In hoeverre zijn de volgende redenen niet van invloed geweest om niet voor ons product te kiezen?" Gebruik dus nooit tweemaal het woord ‘niet’ in één vraag.
Fout voorbeeld: "Heeft u al gebruik gemaakt van deze aantrekkelijke aanbieding?" of
"Vindt u ook dat NETQ GROW een goede oplossing biedt om gemakkelijk zelf online enquêtes uit te voeren?"
Fout voorbeeld: "Ergert u zich wel eens aan telefonische verkopers?"
Goed voorbeeld: Stel eerst de vraag "Wordt u wel eens gebeld door een telefonische verkoper?", vraag vervolgens "Hoe vaak wordt u gebeld door telefonische verkopers?" en vraag tot slot "Wat vindt u ervan als telefonische verkopers u bellen?"
Fout voorbeeld: Betekent de vraag "Houdt u van voetbal?" dat de respondent 'zelf graag voetbal speelt', of 'graag naar voetbal op televisie kijkt', of 'graag leest over voetbal', of …
Fout voorbeeld: Wordt met "Heeft u in het afgelopen jaar …?" bedoeld 'in het huidige jaar(tal) tot heden …', of 'tijdens het gehele vorige jaar(tal) …', of 'in de afgelopen 12 maanden …'.
Fout voorbeeld: "Een jaar geleden heeft u een brief ontvangen over wegwerkzaamheden bij u in de buurt. Vond u de inhoud van deze brief nuttig?"
Fout voorbeeld: "Binnen welke afstand vanaf uw huis is het dichtstbijzijnde tankstation?" of
"Valt uw bruto jaarinkomen boven of onder het gemiddelde bruto jaarinkomen in uw gemeente?"
Fout voorbeeld: "Voert u vaak zelf online enquêtes uit?" Voor de ene respondent heeft 'vaak' een andere betekenis dan voor een andere. Beter is daarom "Hoeveel online enquêtes heeft u in afgelopen maand zelf uitgevoerd?"
Fout voorbeeld: "Bent u tevreden over de service en de prijs?" Dit zijn twee vragen; op basis van het antwoord 'ja' weet je niet of de respondent alleen tevreden is over de service, alleen tevreden is over de prijs of tevreden is over beide.
Blijf relevant en belast de respondent niet onnodig.
Fout voorbeeld: Op de vraag "Wat drinkt u het liefst?" met de antwoordopties 'koffie', 'thee', 'bier' of 'wijn' kan een respondent eigenlijk geen antwoord geven, omdat deze dranken in de regel op verschillende momenten worden gedronken. Het is daarom beter om te vragen "Wat drinkt u het liefst ’s morgens?", of "Wat drinkt u het liefst bij het diner?", of "Wat drinkt u het liefst ’s zomers?" etc.
Voorbeeld: "Heeft u wel eens een miskraam gehad na 3 maanden zwangerschap?"
Voorbeeld: "Vindt u alcoholpreventie bij kinderen belangrijk?" Een respondent zal niet snel 'nee' antwoorden op een dergelijke vraag. Zodoende treedt er een vertekening (bias) op in de antwoorden ten gunste van het gewenste gedrag.













